Wanneer geldt de omgekeerde onderhoudsplicht?

Geplaatst op 27 augustus 2025 door mr. J. (Jorika) Todorov

Het verzoek van de man

In een recente procedure vroeg de man de rechtbank om de vrouw te verplichten bij te dragen in de kinderalimentatie. Dat is bijzonder, omdat de kinderalimentatie doorgaans wordt betaald aan de ouder bij wie het kind zijn hoofdverblijfplaats heeft (in casu de vrouw). Uitgangspunt is dat die ouder alle verblijfsoverstijgende kosten betaalt en de kosten van het verblijf bij haar (de zorgkosten). De andere ouder (de man) neemt de kosten die samenhangen met het verblijf bij hem (de zorgkosten) voor zijn rekening. In bijzondere omstandigheden kan er aanleiding zijn om de kinderalimentatie omgekeerd vast te stellen. In een dergelijke situatie voldoet de verzorgende ouder een bijdrage aan de niet-verzorgende ouder. Die omstandigheden kunnen bijvoorbeeld zijn:

1. het bestaan van een ruime omgangsregeling met de andere ouder;
2. een hoge draagkracht bij de verzorgende ouder;
3. een lage draagkracht bij de niet verzorgende ouder;
4. de vraag in hoeverre ouders in de totale behoefte kunnen voorzien.

Het is aan de ouder bij wie het kind niet zijn hoofdverblijf heeft en die om een bijdrage verzoekt om te stellen en – bij betwisting – te onderbouwen dat er sprake is van dergelijke bijzondere omstandigheden (o.a. uitspraak van het Hof Amsterdam 19 oktober 2021).

De man beriep zich dus impliciet op een omgekeerde onderhoudsplicht: hij wilde geld ontvangen in plaats van betalen.

De juridische maatstaf

Kinderalimentatie is in Nederland gebaseerd op twee pijlers:

Ten eerste: Behoefte van het kind – wat kost de verzorging en opvoeding?

Ten tweede: Draagkracht van beide ouders – hoeveel kunnen zij bijdragen?

In beginsel betalen beide ouders naar rato van hun draagkracht. Maar als een kind hoofdzakelijk bij één ouder woont, ligt het vaak voor de hand dat de andere ouder een bijdrage betaalt.

Alleen in bijzondere omstandigheden kan er reden zijn om af te wijken en de ouder bij wie het kind verblijft geld te laten ontvangen van de andere ouder.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank oordeelde dat:

Het verzoek van de man werd dus afgewezen.

De rechtbank bevestigt de hoofdregel dat de ouder waar het kind niet primair verblijft, onderhoudsplichtig is, tenzij uitzonderlijke situaties spelen.

Waarom dit belangrijk is

Deze uitspraak benadrukt een aantal belangrijke punten over alimentatie:

Conclusie

De uitspraak maakt duidelijk dat alimentatie wordt beoordeeld aan de hand van behoefte en draagkracht. De verdeling kan niet zomaar worden omgekeerd. Voor een bijdrage van de verzorgende ouder aan de niet-verzorgende ouder is méér nodig dan alleen een hoger inkomen. Er moeten echt bijzondere omstandigheden spelen.

De alimentatie is er in de eerste plaats om het kind te ondersteunen. De alimentatie is er niet om financiële verhoudingen tussen ouders gelijk te trekken.

Heeft u vragen over deze blog of andere familierechterlijke vragen? Dan kunt u altijd contact opnemen met onze gespecialiseerde familierechtadvocaten.

Jorika Todorov
Gepubliceerd op 27 augustus 2025 door: mr. J. (Jorika) Todorov