Bezoeker valt over elektrabuizen: bouwmarkteigenaar aansprakelijk

Geplaatst op 15 oktober 2022 door mr. A.F. (Anne Floor) Elbers

In september 2022 kwam het hof Den Haag te oordelen over de aansprakelijkheid van een bouwmarkteigenaar in verband met een gevallen bezoeker. Dit arrest laat enerzijds zien dat een winkeleigenaar rekening moet houden met onoplettende klanten die zich richting een kassa begeven. Anderzijds zal de winkeleigenaar actief moeten toezien op naleving van de huisregels om gevaarlijke situaties te voorkomen dan wel tijdig op te lossen. Hieronder licht ik het arrest nader toe.

DE FEITEN

Op 1 september 2018 bezoekt het slachtoffer een vestiging van Hornbach. Het slachtoffer wil afrekenen en loopt richting de kassa. Terwijl hij naar de kassa loopt, draagt hij een grote zak vissenvoer in zijn armen. Een klant voor hem in de rij heeft enkele minuten eerder naast zich op de grond een aantal elektrabuizen gelegd. Deze buizen zijn grijs van kleur en liggen in het verlengde van de kassarij op een grijze vloer. Het slachtoffer ziet deze buizen niet, stapt hierop en valt op zijn rechter heup en – arm.

Het slachtoffer stelt Hornbach aansprakelijk op grond van artikel 6:162 BW voor de door hem geleden schade. Volgens het slachtoffer levert de aanwezigheid van de buizen op de vloer een gevaarlijke situatie op. Het ligt op de weg van (de medewerkers van) Hornbach te voorkomen dat er buizen op de grond liggen.

Hornbach wijst aansprakelijkheid af. Hornbach stelt dat er geen sprake is geweest van een gevaarlijke situatie. De medewerkers van Hornbach hadden niet hoeven in te grijpen. Hornbach instrueert haar medewerkers iedere dag om in te grijpen bij gevaarlijke situaties. Gevaarlijke situaties bestaan volgens Hornbach echter alleen uit de gevallen waarbij de vloer glad is of een product op de vloer is gevallen. Aangezien een klant buizen op de grond legde is volgens Hornbach geen sprake van een gevaarlijke situatie. Daarom hoefde het personeel niet in te grijpen.

HET JURIDISCH KADER: EEN GEVAARLIJKE SITUATIE

Voordat het oordeel van de rechter in eerste aanleg wordt besproken, sta ik kort stil bij het juridisch kader. Voor beantwoording van de vraag of Hornbach onrechtmatig handelde door een gevaarlijke situatie te laten (voortbestaan) wordt aansluiting gezocht bij de zogenaamde Kelderluik-criteria:

HET OORDEEL VAN DE RECHTBANK

Rechtbank Rotterdam oordeelt in eerste aanleg dat sprake was van een gevaarlijke situatie. Voor de buizen op de grond had aldus door de medewerkers gewaarschuwd moeten worden. Vooral nu medewerkers ter plaatse enkele minuten voor het ongeval de buizen op de grond hadden zien liggen. Het had volgens de rechtbank op hun weg gelegen om de klant dan wel de kassamedewerker ter plaatse aan te spreken.

Volgens de rechtbank heeft Hornbach het slachtoffer hierdoor aan een groter risico blootgesteld dan redelijkerwijs verantwoord was. De rechter acht Hornbach op grond van artikel 6:162 BW aansprakelijk voor de door het slachtoffer geleden schade.

Wel oordeelt de rechtbank dat aan de zijde van het slachtoffer sprake is van eigen schuld in de zin van artikel 6:101 BW. Van het slachtoffer mocht een hogere mate van oplettendheid worden verwacht. Zo mag men als bezoeker van een bouwmarkt zoals Hornbach verwachten dat in de buurt van kassa’s producten op de grond kunnen staan of liggen. Omdat het slachtoffer met een zak vissenvoer in zijn armen naar de kassa liep, werd zijn zicht op de vloer geblokkeerd. Het slachtoffer had meer zicht kunnen hebben door gebruik te maken van een winkelmand of – kar. Hierdoor acht de rechter de schade mede een gevolg van een aan het slachtoffer toe te rekenen omstandigheid. Volgens de rechtbank dient 25 procent van de schade voor rekening van het slachtoffer te komen. Hornbach laat het er niet bij zitten en gaat in hoger beroep bij het hof Den Haag.

HOE OORDEELT HET HOF?

Hornbach verzoekt het hof om het vonnis van de rechtbank te vernietigen en de vordering van het slachtoffer volledig af te wijzen. Indien het hof Hornbach wel aansprakelijk acht, verzoekt Hornbach het hof een hoger percentage eigen schuld aan de zijde van het slachtoffer in rekening te brengen. Hornbach voert hiertoe de volgende grieven aan:

Hieronder bespreek ik de overwegingen van het hof.

Onoplettendheid en kans op gevaar

Allereerst stelt Hornbach dat het voor haar niet voorzienbaar was dat klanten slecht om zich heen kijken tijdens het lopen richting de kassa. Omdat het daarnaast een rustige kassa betrof en de kleur van de buizen donkerder was dan de onderliggende vloer, had het slachtoffer de buizen daar moeten zien liggen.

Volgens het hof is het risico op onoplettende klanten vlakbij de kassa echter voorzienbaar. Zo moeten klanten zich oriënteren op de omgeving om vervolgens een kassa uit te kiezen, terwijl zij langs schappen (met opvallende aanbiedingen) lopen. Omdat de buizen in kwestie geen opvallende kleur hadden, konden deze gemakkelijk over het hoofd worden gezien door bezoekers. Daarbij geldt dat deze buizen ook rond zijn en deze makkelijk weg kunnen rollen zodra een bezoeker op de buizen stapt.

Geen instructies mogelijk

Voorts meent Hornbach dat de situatie niet gevaarlijk was en dat haar medewerkers de situatie niet als gevaarzettend hoefden in te schatten. Hierdoor kon niet van haar medewerkers worden verwacht dat zij zouden ingrijpen. Bovendien is het onmogelijk om voor elke denkbare situatie die zich voordoet in een bouwmarkt instructies te geven.

Het hof gaat niet mee in deze redenering. Het betrof wel degelijk een gevaarlijke situatie die de medewerkers op eenvoudige wijze hadden kunnen beëindigen. Het gevaar lag gelegen in het feit dat de buizen op de grond lagen. Of deze buizen uit de schappen waren gevallen of door een klant op de grond waren gelegd, was volgens het hof niet van belang. Ook hadden de medewerkers het slachtoffer en de klant (voor hem in de rij) moeten wijzen op de huisregels. In de huisregels van Hornbach is de verplichting voor klanten opgenomen om een winkelmand te gebruiken. Het had op de weg van Hornbach gelegen om alle klanten hierop actief te wijzen. Bijvoorbeeld door middel van borden in de winkel. Dit geldt ook voor het voorschrift dat klanten hun producten op de kassaband en niet op de vloer mogen leggen. Zodra medewerkers zien dat klanten zich niet aan de huisregels houden zal er opgetreden moeten worden. Het hof acht deze maatregelen niet bezwaarlijk.

Geen blootstelling aan risico en eigen schuld

Het hof concludeert dat Hornbach het slachtoffer zeker aan een groter risico heeft blootgesteld. Hornbach had (preventief) moeten optreden tegen de buizen op de grond. Te meer nu twee medewerkers van Hornbach de buizen enkele minuten op de grond hebben zien liggen. Het hof acht Hornbach aansprakelijk op grond van artikel 6:162 BW.

Het hof handhaaft tot slot het oordeel van de rechtbank omtrent eigen schuld. Volgens het hof heeft het slachtoffer voor 25% bijgedragen aan het ontstaan van het ongeval. Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.

IS HET OORDEEL VAN HET HOF BIJZONDER?

Volgens het hof en de rechtbank is het risico op onoplettende klanten bij de kassa’s voorzienbaar. Om die reden hecht het hof veel waarde aan de bezwaarlijkheid van het nemen van veiligheidsmaatregelen. Hornbach moet actief toezien op het gebruik van een winkelmand of – kar door haar klanten. Ook moet Hornbach voorkomen dat klanten producten op de grond leggen. Volgens het hof had Hornbach enerzijds borden in de winkel moeten plaatsen. Anderzijds werd een actievere rol van medewerkers in de winkel verwacht. Zij moeten zo nodig klanten aanspreken om een gevaarlijke situatie te voorkomen. Het niet naleven van de huisregels door klanten had door de medewerkers dan ook als gevaarlijke situatie moeten worden herkend.

Kortom: door actief toe te zien op naleving van de huisregels kunnen gevaarlijke situaties worden voorkomen dan wel tijdig opgelost. Hierbij zal de klant zich ook aan de huisregels van de winkel moeten houden. Indien hij dit niet doet, kan dit eigen schuld in de zin van artikel 6:101 BW opleveren.

VRAGEN?

Hebt u vragen over de vergoeding van letselschade c.q. eigen schuld bij letselschade of zoekt u een gedreven letselschadeadvocaat? Neem dan geheel vrijblijvend contact met ons op!

Gepubliceerd op 15 oktober 2022 door: mr. A.F. (Anne Floor) Elbers