Wanneer ouders omkomen bij een verkeersongeval, verandert het leven van hun kinderen van het ene op het andere moment. Allereerst is er uiteraard het verlies en het verdriet. Daarnaast ontstaat er overlijdensschade in financiële zin. De zorg die ouders normaal bieden, valt ineens weg. De vraag rijst dan wie die zorg overneemt en hoe de wet die zorg waardeert bij de begroting van de overlijdensschade.
De Rechtbank Rotterdam boog zich begin 2026 over precies die vragen. Twee jonge kinderen verloren beide ouders bij een verkeersongeval. Sindsdien wonen zij bij familie in het buitenland. De uitspraak laat zien hoe rechters omgaan met overlijdensschade en gederfd levensonderhoud wanneer kinderen na een ongeval niet (meer) in Nederland wonen.
Allereerst de feiten. Bij een eenzijdig verkeersongeval in Spanje kwamen beide ouders van twee minderjarige kinderen om het leven. Het gezin woonde tot dat moment in Nederland. Na het overlijden namen de grootouders in het buitenland de dagelijkse zorg voor de kinderen op zich. Zij kregen ook de voogdij.
Over de aansprakelijkheid bestond geen discussie. De verzekeraar erkende dat zij de overlijdensschade moest vergoeden. Daarmee verschoof het debat naar de omvang van die schade. Het ging daarbij om het zogenoemde gederfde levensonderhoud in natura. Dat ziet op verzorging, opvoeding en huishoudelijke taken die ouders normaal gesproken zelf verrichten.
Juist over de waardering van die zorg liepen de standpunten uiteen.
Wat vonden de nabestaanden van de slachtoffers?Namens de kinderen stelde hun vertegenwoordiger dat de overlijdensschade moest worden begroot vanuit de situatie zonder ongeval. Zonder het verkeersongeval zouden de ouders immers in Nederland voor hun kinderen zijn blijven zorgen. Daarom, zo betoogde hij, moesten bij de begroting van de overlijdensschade de Nederlandse maatstaven worden toegepast.
Daarnaast wees hij op de samenhang met andere schadeposten. Ook die schade werd volgens Nederlands recht begroot. Bovendien hebben de kinderen de Nederlandse nationaliteit. Volgens hun vertegenwoordiger mocht de schadevergoeding niet lager uitvallen alleen omdat familieleden in het buitenland de zorg hebben overgenomen.
Met andere woorden: de zorg die nu door grootouders wordt geleverd, mag niet leiden tot een lagere vergoeding van de overlijdensschade.
Daartegenover zette de verzekeraar een concretere benadering. Zij stelde dat overlijdensschade moet aansluiten bij de werkelijkheid na het ongeval. Niet een theoretische situatie, maar het daadwerkelijke leven van de kinderen moet het uitgangspunt zijn. Personenschade wordt immers zo concreet mogelijk begroot.
Die werkelijkheid is dat de kinderen in het buitenland wonen en daar worden verzorgd. Daarom moeten de kosten van zorg en ondersteuning worden beoordeeld aan de hand van de omstandigheden in dat land. Wordt professionele hulp ingeschakeld, dan gaat het om de daadwerkelijke kosten. Nemen grootouders of andere familieleden de zorg op zich, dan kijkt men naar de kosten die worden bespaard doordat geen professionele hulp nodig is. De verzekeraar stond aldus een concrete begroting van de overlijdensschade voor.
Volgens de verzekeraar zou een begroting van de overlijdensschade op basis van Nederlandse tarieven geen recht doen aan de feitelijke situatie.
De rechtbank volgde het standpunt van de verzekeraar. Zij benadrukte allereerst dat overlijdensschade moet aansluiten bij de concrete omstandigheden waarin de kinderen leven. Hun behoefte aan zorg en ondersteuning hangt direct samen met hun huidige woonomgeving.
Omdat de kinderen nu in het buitenland wonen, moet het gederfde levensonderhoud in natura worden berekend aan de hand van de kosten die daar gebruikelijk zijn. Dat geldt zowel voor ingehuurde professionele hulp als voor zorg die familieleden zelf verlenen. In dat laatste geval gaat het om de kosten die anders voor professionele hulp zouden zijn gemaakt.
De rechtbank wees daarom een abstracte benadering van de overlijdensschade af. Zij zag geen reden om te doen alsof de kinderen in Nederland zijn gebleven. Zo’n fictie sluit onvoldoende aan bij de werkelijkheid na het verkeersongeval.
Tegelijk bracht de rechtbank een belangrijke nuance aan. Zij erkende dat de situatie in de toekomst kan veranderen. De kinderen hebben de Nederlandse nationaliteit en kunnen later terugkeren naar Nederland. Daarom moeten partijen bij de verdere afwikkeling van de overlijdensschade rekening houden met die mogelijkheid. De rechtbank liet de uitwerking daarvan bewust over aan de onderhandelingen tussen partijen.
Deze uitspraak is vooral van belang voor overlijdensschadezaken met een internationaal element. Steeds vaker wonen kinderen of andere nabestaanden na een verkeersongeval (tijdelijk) in een ander land. De rechtbank maakt duidelijk dat dit invloed heeft op de begroting van de (overlijdens)schade.
Daarnaast laat de uitspraak zien dat zorg door familie niet betekent dat er geen overlijdensschade bestaat. Ook wanneer grootouders of andere familieleden de zorg op zich nemen, blijft sprake van gederfd levensonderhoud. De rechter waardeert die schade alleen op een andere manier, dan door het slachtoffer voorgestaan.
Bovendien kiest de rechtbank nadrukkelijk voor een praktische benadering. Niet de situatie vóór het ongeval staat centraal, maar de manier waarop het leven van de kinderen daarna is ingericht. Dat voorkomt abstracte berekeningen en sluit beter aan bij de werkelijkheid.
Tot slot maakt deze uitspraak duidelijk dat overlijdensschade altijd maatwerk blijft. Zolang kinderen na een verkeersongeval in het buitenland wonen, worden de kosten van zorg en ondersteuning begroot op basis van de lokale omstandigheden. Tegelijk blijft ruimte bestaan om bij de begroting van de overlijdensschade rekening te houden met een mogelijke terugkeer naar Nederland.
Voor nabestaanden betekent dit dat letselschade sterk afhankelijk is van de concrete situatie. De woonplaats, de gezinssamenstelling en de verwachtingen voor de toekomst spelen een doorslaggevende rol.
Wilt u meer weten over het verhalen van letselschade of overlijdensschade na een verkeersongeval? Neem dan geheel vrijblijvend contact met ons op. Wij denken met u mee en beoordelen uw situatie zorgvuldig.